Wien for Life

Alidor Dolfing 2014 België 24 '
In een tankstation op de Waals-Vlaamse grens krast een klant een winnend Win-For-Life biljet. Eigenaar Pierre en zijn bloedbroeder Jean kunnen na jaren wachten hun ‘briljante plan’ verwezenlijken: het biljet stelen en rentenieren in het idyllische Sourabaya. Maar Pierre heeft stiekem een ander plan…

Awards & selecties

  • Internationaal Kortfilmfestival Leuven 2015
  • Prijs BeTV BIFFF 2015
07.06.2015 Carmen van Cauwenbergh

Wie heeft er nog nooit gedroomd van een winnend Win for Life ticket? Zelfs wie nog nooit een Win For Life ticket gekocht heeft, weet perfect wat doen met een winnend lot. Geld spreekt tot de verbeelding maar dat het meer kwaad dan goed doet, weten ze zelfs in La Flandre Profonde, Blobecq om precies te zijn.

In de kortfilm 'Wien For Life' van Alidor Dolfing – de naam waaronder Mark Bouwmeester en Nyk Dekeyser voor de eerste keer samenwerken - draait alles rond een winnend Win For Life ticket en een allesbepalende spookrijder. Wat zijn de kansen, zou je denken, maar om het met de woorden van Edward A. Murphy te zeggen “Anything that can go wrong, will go wrong”.

In de krantenwinkel van Pierre (Wim Willaert) wordt een winnend lot gekrast. Pierre en 'rosten' (Thomas Ryckewaert) zien hun kans schoon om eindelijk te verkassen naar Surabaya waar ze cocktails willen drinken met een mokke met dikke tèttn. Maar dat is buiten de vriendin van Pierre (Mieke Dobbels) en de plaatselijke copper (Jan Hammenecker, de 'Dikke Lul' uit Ex-drummer) gerekend. In een stijl die doet denken aan de Coen Brothers ontwikkelt zich een compleet over the top tragikomisch verhaal; grimmige humor, universele kneuterigheid, knullige stoerdoenerij en archetypische personages die genoeg vreemde kantjes hebben om het doorleefd te houden. En dat alles in een Godvergeten Hillbilly-dorp.

Wanneer je denkt dat het niet meer grotesker kan, zonder smakeloos te worden, halen ze nog een grand finale boven die de cirkel mooi rond maakt. Dat het geheel er zo vlot ingaat is te danken aan het strak uitgewerkte scenario en de fantastische acteerprestaties. Dat het West-Vlaams een hilarisch en absurd dialect is, helpt ook. Nergens anders geven ze bèh toet als antwoord op een vraag. Nergens.

De hoofdpersonages houden perfect het midden tussen humor en sérieux. Hun arrogantie, hebzucht, waanzin, goedgelovigheid, leugens en gekonkel leveren een explosieve mix die gedoemd is om fout af te lopen. En alsof de put die ze zelf delven nog niet diep genoeg is, is er nog die mysterieuze spookrijder die het geheel een extra dramatische en ironische wending geeft.

De humor zit ‘m vooral in de details en dat de regisseurs weten wanneer ze moeten stoppen. Dat de makers geen beginners meer zijn, valt dus te merken. Ze kennen hun vak, hebben de nodige ervaring weten opdoen en kunnen dat ook perfect omzetten in een sterke genrefilm die de eigen (West-)Vlaamse bodem overstijgt.

4