T'es morte Hélène

Michiel Blanchart 2021 België 24 '
Maxime woont samen met de geest van zijn dode vriendin.

Bio Regisseur

Awards & selecties

  • Brussels Short Film Festival 2021
  • Youth Jury Prize BIFFF 2021
  • Prize La Trois BIFFF 2021
  • Grand Prize BIFFF 2021
  • Be TV Prize BIFFF 2021
  • Clermont-Ferrand 2021
  • Best Short Grimmfest 2021
  • Grand Prize Rhode Island International Film Festival 2021
31.08.2021 Matthias De Bondt

Een break-up is nooit aangenaam, noch voor wie dumpt, noch wie wordt gedumpt. Nog moeilijker is het wanneer de persoon in kwestie niet gedumpt kan worden. Dat overkomt Maxime, die ongewenst opgescheept raakt met de geest van zijn dode vriendin Hélène. Hij heeft dan wel nog steeds gevoelens voor haar, toch moet hij de knoop doorhakken en haar voorgoed laten gaan. Maar dat is buiten Hélène’s vasthoudendheid gerekend.

'T’es morte Hélène' is al Michiel Blancharts vijfde kortfilm, gemaakt in evenveel jaren. Met zijn voorliefde voor cultcinema is de productieve Blanchart goed op weg om zich op het korte lijstje Belgische genre regisseurs als Govaerts en Du Welz te plaatsen, al bereikt hij hun niveau nog niet.

De film straalt een griezelige sfeer uit, die rechtstreeks uit een B-horrorfilm lijkt te zijn geplukt. Met een erg viscerale stijl creëert Blanchart een dreigende wereld die zowel aantrekt als afstoot.

Blancharts kortfilm is een wat vreemde trip doorheen de nachtelijke straten, vuile metro en obscure etablissementen van de Brusselse hoofdstad. Daar volgen we Maxime, een ronddwalende jongvolwassen man op zoek naar een oplossing voor zijn spookprobleem. De film straalt een griezelige sfeer uit, die rechtstreeks uit een B-horrorfilm lijkt te zijn geplukt. Met een erg viscerale stijl creëert Blanchart een dreigende wereld die zowel aantrekt als afstoot. Het geheel reflecteert Maxime’s eigen innerlijke toestand, waarmee het allesbehalve goed gaat.

Aantrekken en afstoten, die paradox keert ook terug in de verziekte relatie tussen Maxime en Hélène. Op het ene moment teder en zacht, op het andere angstaanjagend en afgrijselijk. Blanchart speelt mooi met deze dubbele notie, die zich veruiterlijkt in Hélène’s unheimliche verschijning. Als spook vertolkt zij de onafscheidelijke liefde: wondermooi en warm, maar ook jaloers en venijnig.

Een mooi voorbeeld is de scène wanneer Maxime na te zijn achtervolgd in een ziekenhuis, eindelijk van Hélène lijkt te zijn ontsnapt. In het stadspark waar hij belandt, kruipt Hélène’s zombielichaam nog geen seconde later uit de grond, een mooie knipoog naar Romero’s horrorklassiekers. Maar in plaats van Maxime aan te vallen, trekt Hélène zijn broek langzaam naar beneden, klaar om hem oraal te bevredigen. “C’est ça que tu veux?”, vraagt ze hem geniepig. Zoals Sigmund Freud ons al decennia geleden wist te vertellen, liggen dood en liefde dichterbij elkaar dan we soms durven toegeven.

Blancharts film is een plezierige trip met zowel grappige als griezelige momenten. Toch zoekt de film ook diepgang op en dat lukt bij momenten wonderwel. Al is de balans tussen humor en drama precair: de enge momenten worden wat minder eng, de grappige wat minder grappig. Moeten we het allemaal niet te serieus nemen? Of schuilt er toch meer achter de humoristische façade? 'T’es morte Hélène' stelt in ieder geval niet teleur.