Nesting

Alex Verhaest 2019 België 27 '
Een zwangere vrouw negeert de smekende telefoontjes van haar zus om hun stervende moeder op te zoeken. Ze verstopt zich in een smerig hotel, waar ze haar problemen met sigaretten uitrookt en met alcohol verdrinkt. Wanneer het hotelpersoneel het trauma waarvoor ze vlucht begint te weerspiegelen, beseft ze dat ze de confrontatie met haar verleden zal moeten aangaan.

Awards & selecties

  • Internationaal Kortfilmfestival Leuven 2019

Tags

26.11.2019 Michiel Philippaerts

Hoe (persoonlijk?) trauma te vertalen naar het scherm? Multimediakunstenaar Alex Verhaest kiest in 'Nesting' voor een ontregelende aanpak door de opgelopen kwetsuren en conflicten niet via een directe en naturalistische cinema te trotseren, doch door symbolische fantomen met verwrongen tronies haar hoofdrolspeelster te laten gijzelen in een unheimlich spookhuis. Een über-Vlaamsch hotel aan de zee - het lawaai van golven en meeuwen penetreert de dunne muren - wordt het strijdtoneel van verdrongen herinneringen en pijnlijke mijmeringen over moeder-, dochter- en slachtofferschap.

Michelle (een fragiele Hélène Devos) rookt nerveus een sigaret in haar geparkeerde auto: het is slechts uitstelgedrag om niet te moeten uitstappen en afscheid te nemen van haar stervende moeder die binnenshuis op haar wacht. Ze lijkt al haar moed bijeengeraapt te hebben wanneer de voordeur opengaat en een oudere man (Valentijn Dhaenens) het huis verlaat. Opgejaagd door zijn aanwezigheid steekt ze bijna instinctief de sleutel terug in het contact en gaat ze op het gaspedaal staan. Angstig verdwijnt ze in de nacht; een luidkeelse “Godverdomme!” benadrukt haar frustratie over de aftocht.

Haar toevluchtsoord wordt het voordien genoemde hotel dat het schaduwachtige decor wordt voor het leeuwendeel van de traumaverwerking. Aan de balie wordt ze opgewacht – of beter, genegeerd – door de uitbaters (wederom Valentijn Dhaenens en Els Deceuckelier) wiens gezichten op digitale wijze zijn vervormd tot wreed grijnzende canvassen van een donker verleden. Het pesterige melodietje van een telefoon die niet wordt opgenomen onderstreept de aankomst in het nachtmerrieachtige onderbewustzijn van Michelle (“Droomt u soms van het gerinkel van die telefoon?”) en Verhaest weet de schelle echo’s van het muziekje slim door te trekken in de opeenvolgende scènes.

Terwijl de regisseur hier en daar sleutels verstopt voor het publiek - de zwangere buik van Michelle die plots zichtbaar wordt, geschreeuw in een aangrenzende kamer en het jonge meisje op Dhaenens’ schoot – stapelen zich ook meer en meer eigenaardige taferelen op. Sommige daarvan zijn een waardevolle toevoeging aan de kille sfeerzetting, andere neigen naar gratuit absurdisme. Annemone Valcke’s zwervende personage lijkt onbestemd en het is nooit heel duidelijk wat haar rol in dit labyrintische spel van reflecties en projecties is. Of is ze slechts dat: een projectie?

Voor de kijker die de puzzel gelegd krijgt blijkt 'Nesting' een waardevolle film met een groot, bloedend hart, al is die speurtocht geen sinecure. Niettemin creëert Verhaest een atmosferisch universum, doordrongen van een onderhuids pulserende pijn, waardoor ook het verdwalen de moeite loont.

Jammer alleen dat de film iets te diep zit weggeduffeld in zijn comfortabele mantel van lynchiaanse vervreemdingsesthetiek om die beslissende slotscène volledig tot zijn recht te doen komen.

2