play

Acid Rain

Tomek Popakul 2019 Polen 26 '
Ergens in Oost-Europa komt een dwalend meisje terecht in het busje van een drugsdealer.

Awards & selecties

  • International Film Festival Rotterdam 2019
  • Kortfilmfestival Leuven 2020

Tags

20.04.2020 Sarah Skoric

Acid Rain valt op je neer als zure regen: enerzijds wel mooi, anderzijds ook bijtend en lastig. Met zijn nieuwste korte animatie weet Pools filmmaker Tomek Popakul gemengde gevoelens los te maken. De illustraties zijn zoals we die kennen van zijn eerdere ‘Ziegenort’ (die hem heel wat prijzen opleverde in 2013): rauw, menselijke, grafisch scherp. Geen wollige personages of zachte kleuren. Popakul gaat voor uitgemergelde personages, onheilspellende decors en in ‘Acid Rain’ ook voor psychedelische waanbeelden.

Een meisje belandt liftend in de camper van een hippe kerel. Al snel start ze te experimenteren met drugs, transporteren ze drugs via Kinder Surprise-eitjes (in hun lichaam ingebracht), en proberen het vervolgens te verhandelen op raves in de bossen. Temidden die – zowel voor de personages als voor kijker – 26-minuten durende trip loopt een en ander uit de hand.

Popakul speelt met rijk gevulde beelden, vol kleuren, die soms nostalgisch aanvoelen. De plaatjes die dat oplevert zijn om op te hangen.

Popakul weet hoe te animeren en speelt gretig met camerastandpunten. We zien het naamloze meisje zichzelf op een hek tillen en balans zoeken, vanuit haar oogpunt. Ook als ze onder invloed is van mushrooms, zwalkt de point-of-view met haar mee. Bijna zoals in haar eigen hoofd verandert de perceptie van de mensen die ze tegenkomt ook voor de kijker: sommigen worden dierlijker, wiebelen, of worden volledig uit proportie getrokken. Pupillen kolken in hun kassen, quasi non-stop.

De Pool speelt met rijk gevulde beelden, vol kleuren (zijn vorige animatiefilms waren voornamelijk zwart-wit) die soms nostalgisch, en ook nineties aanvoelen. De plaatjes die dat oplevert zijn om op te hangen, vooral dan één straffe sequentie waarin hij vanuit een natuurlandschap uitzoomt tot het raam van de camper en het interieur van de camper zelf. Ook de cameratechnieken van arthouse-films weet hij erg sterk in animatie te vertalen.

Minder sterk, en op het irriterende af, is alles wat niet cameravoering en animatiestijl betreft. Scènes worden lang uitgesponnen, zonder iets nieuws bij te brengen. Als kijker word je weinig tot niet uitgedaagd om te participeren of mee te denken — passief volgen is dus troef. De spanningsbogen, als ze er al zijn, worden niet voldoende lang doorgetrokken: minutenlange sequenties zijn vaak al na enkele seconden duidelijk. Komt die frustratie door het vrouwelijke hoofdpersonage dat mak meeloopt in alles, zonder te beseffen in welk een situatie ze is beland, en zonder enige actie te ondernemen? Als kijker ben je genoodzaakt om mee te gaan in haar point-of-view, en dus ingrijpen lijkt onmogelijk. Wat dan weer analoog kan zijn met frustraties die je als toeschouwer hebt bij films zoals Haneke’s ‘Funny Games’?

Vragen we ons ook nog af: wat in een arthousefilm wel werkt, marcheert niet altijd even goed binnen animatie? Of dat wij als kijker gewoon nog niet klaar zijn voor een meditatieve, observerende animatietrip waarin de kijker aan de kantlijn blijft? Verwarrend, alles.

2