|
Een prehistorische uitziende en van kop tot teen volgetatoeëerde krijger rent door de savanne, die hij deelt met vreemdsoortige dieren die het midden houden tussen struisvogels en kamelen, en bovendien nog eens blaffen. Wanneer de nacht valt, maakt hij een kamp bovenop een rots, start een kampvuur en ontspant zich dan door een beetje te roken. Wat er ook in zijn pijp zit, het werkt: hij hallucineert dat hij – gekleed in een maatpak – door een verwoeste grootstad zwerft, tussen de neonreclameborden en de junkies. Of is dit zijn echte leven?
Naast een Kroatische vrouwennaam, is “Morana” ook de Slavische godin van het kwade, de dood en de onderwereld. Regisseur Simon Bogojević Narath laat in het midden welke van de twee parallelle werelden symbool staat voor het duistere. Op het eerste zicht lijkt het stadsbeeld donkerder, vuiler en gevaarlijker. Maar ook in de savanne is er vanalles niet pluis: honderden dieren slagen op de vlucht, de krijger durft enkel te slapen bovenop een hoge rots, zijn hond blaft onophoudelijk en net voor zijn uitputtende voettocht ten einde is, vervaagt het beeld.
Narath lijkt te impliceren dat geen van zijn beide spiegelpersonages de bovenhand heeft: beiden zijn ze op zoek, zwerven ze eenzaam door een vervreemdend en bedreigend landschap en bereiken ze nooit helemaal hun einddoel – de dood haalt hen in. Een ietwat kinderlijk getekende maar resonerend dubbelverhaal.
Sofie Rycken |