|
Lung Mitte is het portret van Oom Mitte, die al jaren in het Zuid-Thaise Tom Nam national park woont, midden in het regenwoud. Zijn kleine paradijsje is uitgegroeid tot een forest community met een vijftigtal gezinnen. Deze registratie van hun bestaan levert alvast een heel ander beeld op van Thailand dan de verhalen van Michel Houellebecq of Lou 'ça plane pour moi' De Prijck. De natuurbeelden van vreemde insecten, kleine watervallen of samenspelende aapjes en honden zijn -sterk voor een studentenwerk!- in HD gefilmd en behalve haarscherp ook behoorlijk indrukwekkend. Het leven in de natuur zou idyllisch kunnen zijn.
Maar let op de voorwaardelijke wijs: zoals mits een Milton-citaat al duidelijk is bij de begincredits, gaat het hier om een teloorgegaan paradijs. Mitte vertelt in zijn schaarse tussenkomsten hoe er steeds meer mensen zijn bijgekomen en dus ook bomen zijn gesneuveld.
Ook in dit beeldverslag wijkt de natuur al vlug voor de mens. Er wordt steeds meer ingezoomd op het samenleven in het Klong Rua genaamde bosdorpje, waar zowel Boeddistische monniken als luie fans van Thai boxing rondstruinen. Behalve de mooie beeldvoering valt zo ook de opbouw van dit werk op: leuk hoe je de bouwstenen van Mittes paradise lost maar mondjesmaat ontdekt.
Helaas gaat het soms wel erg traag vooruit: sommige slices of life zijn bepaald nietszeggend. In combinatie met een soundtrack zonder muziek en weinig dialoog sjokt Lung Mitte soms even erg als sommige dorpsgenoten. Wie die laatste zijn, wat ze daar uitspoken en hoe zij het bosleven ervaren komen we trouwens nauwelijks of niet te weten. Daardoor komt de onderliggende tragiek, waar we door het begincitaat op waren voorbereid, ook al niet echt tot leven. Sommige filmfestivals eisen van hun kortfilms een maximale lengte van dertig minuten. Regisseur Van Ginkel had beter dezelfde discipline aan de dag gelegd. Zo kon dit werk meer worden dan een sfeerbeeld en konden de indrukwekkende beelden een krachtiger boodschap stutten.
Jan Sulmont |