Kortfilmdistributeur La Big Family bestaat nog maar sinds 2002, maar kan zeker worden gezien als één van de vaandeldragers van de Belgische kortfilm. De vrouw achter het bedrijfje, Nathalie Meyer, vertelt ons met veel enthousiasme over het wel en wee van het leven tussen de kortfilms. Van expertise gesproken...
Hoe verklaar je het succes van La Big Family?
Er bestond geen enkele centraliserende structuur voor kortfilms en met La Big Family vulden wij die leegte op. We hadden helemaal niet verwacht dat het allemaal zo snel de professionele toer op ging gaan. Ik wilde aanvankelijk gewoon een aantal vrienden op weg helpen met hun films. Stilaan is de idee ontstaan om kortfilms te gaan distribueren alsof het langspeelfilms zijn, zodat ze in goede omstandigheden kunnen worden vertoond. Kortfilms zijn meer dan een visitekaartje. We bieden regisseurs een integrale promotie van hun film aan. De anarchie in de wereld van de kortfilm moest wat ingedijkt worden vanuit een nood aan uniformiteit. We zorgen er bijvoorbeeld voor dat over de hele wereld dezelfde trailer wordt gebruikt.
Hoe lang is het leven van een kortfilm?
Over het algemeen doet een kortfilm een tweetal jaar mee aan festivalcompetities, maar daarna kan ze ook nog tot 7 jaar voortleven in panorama's of nevensecties. Een uitzondering als Flatlife heeft al aan 120 festivals deelgenomen en het einde is nog lang niet in zicht. Productiehuizen geven vaak de moed op als vijf festivals hun film afwijzen. Wij proberen tenminste 50 festivals uit, ook al loopt het voor een bepaalde film daarom niet direct van een leien dakje. Een kortfilm is een dankbaar formaat dat je overal kan inzetten. Hij heeft veel minder beperkingen dan een langspeelfilm, zoals exclusiviteit op festivals. We wachten wel Cannes af, en met Clermont -Ferrand en Berlijn moet je ook wel rekening houden. Een kortfilm is dus minder commercieel gebonden en de onderwerpen zijn vrijer.
Proberen jullie kortfilms in het zalencircuit te krijgen?
Dat is zo ongelofelijk ingewikkeld en het zou zo enorm veel energie vragen dat we dat niet als een interessante strategie beschouwen. Je zou in België ongeveer tien kopieën tegelijkertijd moeten kunnen uitbrengen, wat totaal utopisch is. Daartegenover hebben we wel tal van andere alternatieven voor distributie. De taken van een kortfilmdistributeur zijn zeer uiteenlopend. Soms voelt het alsof we een nieuw woord hebben uitgevonden dat niet overeen komt met het klassieke concept van een distributeur. Naast het festivalcircuit, dvd's en televisie, onderzoeken we allerlei nieuwe mogelijkheden zoals video-on-demand, internet -en GSM toepassingen. Misschien dat de toekomstige zalen met digitale uitrusting ook nieuwe perspectieven bieden. Vijf jaar geleden bestond 80 % van onze catalogus uit 35mm films, nu is dat voor zestig procent Beta en wordt er steeds meer gedraaid op High Definition. De klassieke cinema zal wel nog lang op pellicule blijven, maar ik zie jongeren binnenkort wel kortfilms op hun GSM downloaden. Dat is nu al mogelijk. Ik kijk daar zeker niet op neer. Sommige tv -kopers vinden dat bepaalde films niet op televisie thuishoren, maar ik heb daar lak aan. Alle grote filmklassiekers worden toch op een bepaald moment toch ook op televisie getoond?! Het blijft een film en geen gadget.
Wie zijn de producers van kortfilms?
Ik werk met een vijftiental Belgische producers samen. Er zitten veel jonge beginners bij, maar ook een aantal grotere namen, die ook aan langspeelfilms werken. De meesten maken net als de regisseurs snel de overstap naar langspeelfilm, aangezien een kortfilm haast evenveel energie vraagt als een langere film. Ze zoeken regisseurs waarmee ze na een kortfilm ook een langspeelfilm kunnen maken. Het is trouwens niet echt aan te raden om als producer onmiddellijk met een langspeelfilm te beginnen, zonder geleerd te hebben om te gaan met de grillen en verlangens van een regisseur.
Worden kortfilms in Vlaanderen en België serieus genomen?
Het blijft delicaat. Op vergaderingen met de filmsector spreken we het woord kortfilm zo weinig mogelijk uit. Essentieel gaat het over het statuut van cinema in het algemeen en hoe belangrijk distributie hierbij geacht wordt. Is het vertonen van films even cruciaal als het maken ervan? Een film is een kunstwerk maar zeker ook een commercieel product! Wat betekent een cinema symbolisch en economisch voor een natie? Een kortfilm zal politiek gezien minder gewicht in de schaal leggen dan een langspeelfilm. Een film die zeer efficiënt verkoopbaar is interesseert me daarom niet automatisch.
Een moeilijke film die ik goed vind zal ik toch in distributie nemen en alle mogelijke zichtbaarheid geven. La Big Family is een onafhankelijke commerciële organisatie, maar dat brengt ook een grote keuzevrijheid met zich mee.
Vind je dat er verschillen zijn tussen de Franstalige en Vlaamse kortfilmsector?
Het is niet dezelfde cultuur, maar tegelijkertijd heb ik goesting om die idee te doorbreken. Ik kom zelf uit Frankrijk, maar wil zeker geen Franstalig etiket. Kortfilms krijgen aan Waalse zijde minder geld, maar hun subsidiesysteem heeft ook haar voordelen. Met de Vlaamse filmscholen als het Kask verloopt de communicatie toch wat gemakkelijker dan met het Inraci bijvoorbeeld, maar ik wil niet veralgemenen. Aan beide zijden willen ze dat de films geld opbrengen, maar aan Franse zijde zeggen ze dat liever niet. Daarbij worden we vaak door het buitenland aangesproken, omdat ze denken dat wij een nationaal agentschap zijn. Meestal moeten wij dan aan beide zijden van de taalgrens de kopieën gaan zoeken, ze op ons kantoor verzamelen en verzenden. Ik snap het soms toch niet zo goed, er zou beter een unieke identiteit gesmeed worden. |