Dé referentie voor kortfilm

Courtisane: Economics

Het filmprogramma van Courtisane is opgebouwd aan de hand van verschillende thema's. Een daarvan is Economics waarin we vier filmpjes te zien krijgen die op het eerste zicht heel uiteenlopend lijken maar waarin toch een duidelijke lijn vervat zit; er wordt namelijk inventief geëxperimenteerd met de verhouding beeld en woord.

In het eerste filmpje Cutecutecute van de uit Oostenrijk afkomstige Clemens Kögler krijgen we schattige, maar wenenden, Kawai-figuurtjes te zien. Normaal worden deze typisch Japanse animatiefiguurtjes gebruikt voor educatieve doeleinden. Ze leren hun jonge kijkertjes tellen of dierengeluiden onderscheiden. Kortom, het zijn kleine mascottes die onze allerkleinsten door de dagdagelijkse handelingen moeten leiden. Maar Clemens Kögler laat beeld en tekst contrasteren, de figuren zijn nog altijd even schattig maar hun woorden zijn dat allerminst en geen enkel actueel thema blijft hierbij onbenut: facebook, shootings, terrorisme, kindermishandeling,...
Doordat deze techniek van uitersten bij elkaar plaatsen al zoveel gebruikt is, mist het filmpje een beetje zijn effect maar op vlak van maatschappijkritiek waren de kawai-figuurtjes wel een geslaagde keuze. Niet alleen staan ze symbool voor een maatschappij waar de schijn hoog gehouden moet worden maar ook voor een soort naïeve onschuld die zelfs de figuurtjes niet kunnen volhouden. Door ze te laten wenen hekelt Clemens deze onschuld en toont hij aan dat het leven niet zo schattig is als sommige beelden laten uitschijnen.

Ook de Amerikaanse Joseph Ernst maakt komaf met zijn beelden in Hip Hop Video. We horen een typisch hiphop nummer maar krijgen niks te zien, de beelden zijn namelijk vervangen door woorden die beschrijven wat er normaal te zien is: een sportauto, een vrouw in bikini, een man die zingt, veel blingbling en nog meer vrouwen in bikini.
De meeste hiphop video's zijn oersaai en hoe ze eruit zien staat al in ons collectief beeldgeheugen gebrand. Iedere poging om daar komaf mee te maken is een stap vooruit. En dat doet Joseph Ernst. De tekst, die hoogstens uit vier verschillende zinnen bestaat, toont aan hoe weinig er te zien is in de hiphop videoclips, dus, moet Joseph gedacht hebben, waarom niet alles vervangen door een wit scherm om zo de verbeelding weer een beetje op te drijven en het geheel interessanter te maken. Je hebt als kijker blijkbaar niet altijd beelden nodig om dingen te zien.

Zeker het bekijken waard is de kortfilm Resonance van onze landgenoot Karel Decock. Subtiel legt hij verschillende lagen bloot van de thematiek vrijheid en identiteit. We maken kennis met John, François en Antoine of een zakenman uit Louisiana, een Londense bankier en een Zwitserse handelaar. Zij vertellen over hun carrière, het succes dat ze bereikt hebben maar ook de opofferingen die ze hiervoor hebben moeten maken. Tegenover hen wordt een man geplaatst die blijkbaar niet kan leven met de keuzes die hij gemaakt heeft. Waar bij de ene groep de nadruk op het succes ligt, zien we bij het geïsoleerde hoofdpersonage de keerzijde van dit succes.
Met Resonance wil Decock zijn visie op het individualisme in onze maatschappij blootleggen. Net als in Cutecutecute blijkt onze vrijheid een illusie te zijn, we worden namelijk voortdurend gestuurd door de, onder andere, opgelegde eisen van de maatschappij met als gevolg dat de die vrijheid fictie is. En deze visie weet Karel Decock consequent weer te geven in zijn kortfilm. Letterlijk worden fictie en documentaire verweven met hierin de sound design als leidraad. Die bakent geraffineerd de twee stijlen af zonder dat het ook maar één moment geforceerd overkomt. Met deze kortfilm weet Karel Decock zich dan ook een plaats te geven in de Vlaamse stijl maar trekt hij ook de grenzen open naar een groter geheel. De vermenging van stijlen, de uitwerking van de thematiek en de consequentie van het geheel maken van Resonance een duidelijk en sober statement en tonen dat Karel Decock weet wat hij wil vertellen.

Pavel Medvedev, de niet meer onbekende Russische kortfilmmaker, begeeft zich met Unseen op absurd terrein. Wanneer de G8-top samenkomt in Sint-Petersburg wordt de hele stad op zijn kop gezet: straten worden afgezet, helikopters cirkelen rond, een hele stoet auto's trekt door de stad vergezeld van oorverdovende sirenes, zelfs het grootste kerkhof van de stad wordt gesloten. De gevolgen voor de plaatselijke bevolking zijn dus niet min.
Door deze documentaire grotendeels enkel van beelden te voorzien wordt het absurde van de situatie heel erg duidelijk en krijgt het geheel een bevreemdende sfeer. De enkele woorden die gesproken worden, Bush die Poetin bijvoorbeeld complimenteert met zijn inrichting, versterken het geforceerde en onnatuurlijke gevoel van de bijeenkomst. Medvedev werpt met Unseen een andere blik op de anders zo eenzijdige berichtgeving van dit evenement. Hij weet de juiste keuzes te maken en klemtonen te leggen en dus geslaagd het ongeziene te belichten.

Carmen van Cauwenbergh